AJ Lee

Je dochter. Een jonge zangeres die een gewaagde keuze heeft qua repertoire. Bekend. Ze kan het nog net niet, maar ze wil graag. En er klinkt al even dat bijzondere door. Ja, je dochter, dat zou je willen dat ze was, AJ Lee.

Aissa heet ze, maar hoe spreek je dat uit. Aissa? Esa? Essah? Geen idee. Ze begon vroeg met zingen. Ze speelt mandoline. Dat prachtig schrijnende nummer van Richard Thompson over samen ouder worden, The Dimming of The Day. Toen ze nog geen 20 was.

Bij The Tuttles, vader Jack en zoons Sullivan en Michael en dochter Molly, mocht ze meedoen. Briljante folk /  bluegrass. Prachtig en onrijp.

AJ zong Gram Parsons’ Hickory Wind. Ripple van The Grateful Dead. Prachtige muziek en net niet zo heel mooi, want het miste ervaring, de beleving. Sugar Moon van Cindy Walker had het bijna, maar een te hoog stemmetje, iets te schril. Dan ook White Freightliner Blues, Wait A Minute en California Cotton Fields. Wat een repertoire. Wie durft dat nog? Prachtige Townes Van Zandt, Herb Pederson, Dallas Frazier interpretaties nazingen en net niet verbeteren.

En gewoon het lef hebben om verder te gaan. John Hartford? Sure! Gentle On My Mind natuurlijk met de groep Blue Summit. Red Clay Halo van Gillian Welch en Dave Rawlings. Zelf nummers schrijven. En een jazzy nummer If That Don’t Make You Want To Go van Sonya Isaacs. Dat is ineens in de roos.

AJ Lee. O. Mooi hoor.